De Van Catwijks als voorbeeld van de religieuze werkelijkheid

De genealogische gegevens op deze website laten een opmerkelijke ontwikkeling zien. 

Willem Claesz van Catwijk (1647) werd op 25 januari 1647 gedoopt in de Grote of Sint Janskerk van Schiedam. Hij kwam dus uit een hervormd/gereformeerd milieu. Ook zijn eerste huwelijk met Cornelia Jansdr van der Bosch in 1671 vond plaats binnen de Nederduits Gereformeerde gemeente.

Na het overlijden van Cornelia in 1688 verandert de religieuze context echter.

Willem trouwde op 17 januari 1693 opnieuw, ditmaal met Catharina Jacobs, ook aangeduid als Catharina Gerritsdr. Het huwelijk werd burgerlijk gesloten voor het Gerecht van Schiedam en vervolgens op 6 februari 1693 in de Nederduits Gereformeerde Kerk ingezegend.

En juist daarna ontstaat iets dat voor de familiegeschiedenis bijzonder veelzeggend is:

Willem bleef formeel verbonden aan de hervormde wereld, maar de kinderen uit zijn tweede huwelijk werden katholiek gedoopt.

De eerste zoon, Nicolaas, werd in 1693 katholiek gedoopt. Vervolgens werden Gerrit (1697), Hermanus (1699) en Willem (1702) eveneens in de Rooms-Katholieke Kerk gedoopt.

Dat is geen toevallig detail. Het plaatst jouw familie midden in de religieuze werkelijkheid van het toenmalige Schiedam.


1. Catharina bracht waarschijnlijk de katholieke traditie het gezin binnen

Hier moet wel een onderscheid worden gemaakt tussen wat we weten en wat we aannemelijk vinden.

Van Catharina hebben we aangenomen dat zij katholiek gedoopt werd en vermoedelijk uit een katholieke achtergrond kwam. Deze aanname is gebaseerd op het feit dat Catharina is geboren is in Maastricht, in die tijd voornamelijk een Katholieke gemeenschap.Tegelijkertijd is er nog onzekerheid over haar exacte identiteit en geboortejaar. De identificatie met de in 1666 gedoopte Catharina blijft dus een hypothese.

Maar áls deze identificatie klopt, is het patroon zeer opvallend:

Hervormde vader + katholieke moeder → katholieke kinderen.

Dat past precies bij de situatie die de Schiedamse predikanten in 1726 zelf signaleerden. Zij klaagden toen bij het stadsbestuur dat katholieke mannen met hervormde vrouwen trouwden en beloofden de vrouwen aanvankelijk in hun eigen religie te laten, maar vervolgens vrouw en kinderen naar de katholieke kerk zouden laten gaan.

Jouw familie levert dus bijna letterlijk een genealogisch voorbeeld van het verschijnsel waarover de hervormde kerkenraad zich in 1726 beklaagde.

Dat is een belangrijke toevoeging aan het verhaal.


2. De katholieke kerk was in 1693 bepaald geen kleine marginale gemeenschap

De situatie waarin Willem en Catharina hun kinderen lieten dopen, was heel anders dan je misschien op grond van het begrip schuilkerk zou verwachten.

In 1616 waren er in Schiedam slechts ongeveer 150 katholieken.

In 1639 worden slechts 25 katholieke families, ongeveer 140 personen, vermeld.

Maar in 1656 wordt al gesproken over ongeveer 900 katholieken. De auteur waarschuwt wel dat deze cijfers niet zonder meer vergelijkbaar zijn, omdat mogelijk ook Vlaardingen, Kethel en omliggende plaatsen zijn meegerekend. Toch is de groei onmiskenbaar.

Tegen de tijd dat Willem en Catharina trouwden, was de katholieke gemeenschap dus al stevig gevestigd.


3. En die gemeenschap had meerdere kerken

Dit is een belangrijk detail dat ik in het eerdere verhaal sterker zou benadrukken.

In 1667 waren er in Schiedam zelfs twee katholieke kerken.

Een daarvan was verbonden met de Dominicanen, de andere met de seculiere geestelijkheid, dus de reguliere parochiegeestelijkheid.

In een missieverslag van 1656 worden:

  • Bernardus Weerhaan, pastoor;

  • en een tweede geestelijke van de Orde van Sint Dominicus

genoemd.

In 1662 wordt dit nog duidelijker beschreven: Schiedam had één pastoor, met wie pater Mutsaert, een Dominicaan, samenwerkte.

Dit betekent dat wanneer Gerrit Willemsz in 1697 katholiek wordt gedoopt, hij terechtkomt in een katholieke infrastructuur die al tientallen jaren bestaat.


4. Waar werd Gerrit in 1697 eigenlijk gedoopt?

Hier wordt het historisch interessant.

Het is verleidelijk om de katholieke kerk van 1697 eenvoudig “de Havenkerk” te noemen. Dat zou historisch onjuist zijn.

De huidige Havenkerk aan de Lange Haven bestond toen nog niet.

De katholieke gemeenschap beschikte in de 17e eeuw over schuilkerken. Een belangrijke locatie was het Huis te Poort, aan de Dam, terwijl daarnaast een kerk van de Dominicanen bestond.

In 1670 worden zelfs twee katholieke kerken genoemd: één tegenover het huis van Andries Ramp en een andere kerk.

De latere katholieke kerk aan de Dam/Korte Haven groeide vervolgens uit tot het complex dat in de 18e eeuw werd uitgebreid.

Daarom zou ik bij Gerrits doop liever schrijven:

“gedoopt in de toenmalige Rooms-Katholieke statie/schuilkerk van Schiedam, behorend tot de katholieke gemeenschap die later de parochie Sint Jan de Doper/Havenkerk zou vormen.”

Dat is historisch nauwkeuriger dan simpelweg “Havenkerk”.


5. Het bijzondere van 1699

Er is een prachtige parallel met de familie Van Catwijk.

In 1699 protesteerden hervormde predikanten tegen de uitbreiding van een katholieke kerk. Zij vreesden onder meer:

  • een zichtbaar hoge kerk;

  • een hoog gewelf;

  • een galerij;

  • een uitgang naar de Korte Haven.

De katholieke kerk dreigde daardoor steeds meer op een echte openbare kerk te gaan lijken. Dat was officieel niet toegestaan.

En precies in diezelfde periode werden de kinderen van Willem en Catharina katholiek gedoopt:

  • Nicolaas – 1693

  • Gerrit – 1697

  • Hermanus – 1699

  • Willem – 1702

De familie Van Catwijk leefde dus letterlijk in de periode waarin de katholieke gemeenschap steeds zichtbaarder en groter werd.


6. Gerrit Willemsz van Catwijk: opnieuw een religieuze overgang

Dan wordt het bij Gerrit Willemsz van Catwijk (1697) nóg interessanter.

Gerrit werd katholiek gedoopt, maar trouwde in 1722 met Maartje Dominicusdr/Minnekusdr van der Hoeven. Jouw onderzoek leidt tot de waarschijnlijkheid dat dit huwelijk voor de Hervormde Kerk heeft plaatsgevonden, hoewel daarvoor momenteel geen bevestigende inschrijving is gevonden.

Hiermee keert het patroon zich als het ware om:

Willem (hervormd) + Catharina (katholiek)

Gerrit katholiek gedoopt

Gerrit trouwt vermoedelijk hervormd

zijn zonen worden later hervormd gedoopt

Dat is geen rechte lijn van “katholiek” naar “hervormd”, maar een voortdurende beweging tussen beide geloofswerelden.


7. De latere doop “op voorafgaande belijdenis” is zeer betekenisvol

Dit vind ik eigenlijk één van de interessantste onderdelen van jouw genealogie.

De beide zonen van Gerrit en Maartje werden niet kort na hun geboorte gedoopt, maar pas op latere leeftijd, “op voorafgaande belijdenis”, in de Hervormde Grote of Sint Janskerk.

Dat is wezenlijk anders dan een normale zuigelingendoop.

De uitdrukking “op voorafgaande belijdenis” betekent dat iemand eerst persoonlijk tot het geloof en het lidmaatschap van de kerk toetrad en vervolgens werd gedoopt.

Dat past bij de hervormde praktijk waarbij iemand die niet als kind was gedoopt, zich op latere leeftijd kon laten dopen na geloofsbelijdenis.

Hierdoor ontstaat een interessante mogelijkheid:

Het kan zijn dat deze kinderen helemaal niet katholiek zijn opgevoed.

Of preciezer:

De katholieke achtergrond van hun vader Gerrit heeft kennelijk niet verhinderd dat de volgende generatie uiteindelijk bewust voor de Hervormde Kerk koos.

Dat maakt deze genealogie een mooi voorbeeld van religieuze verandering binnen één familie over slechts drie generaties.


8. Het is belangrijk om “gemengd huwelijk” niet te modern te interpreteren

We moeten hierbij voorzichtig zijn.

Een huwelijk tussen iemand uit de katholieke en iemand uit de hervormde gemeenschap betekende niet noodzakelijk dat het gezin een moderne “50/50-verdeling” van religies kende.

De feitelijke religieuze keuze kon afhangen van:

  • de religie van vader;

  • de religie van moeder;

  • afspraken bij het huwelijk;

  • familie-invloed;

  • economische omstandigheden;

  • de plaatselijke gemeenschap;

  • de positie van de pastoor;

  • de leeftijd waarop kinderen werden gedoopt;

  • latere persoonlijke geloofskeuze.

De klacht van de hervormde kerkenraad uit 1726 laat zien dat zij juist bang waren dat gemengde huwelijken uiteindelijk in het voordeel van de katholieke kerk zouden uitpakken: katholieke mannen zouden hun hervormde vrouw en kinderen naar de katholieke kerk brengen.

Bij Gerrit zien we kennelijk het tegenovergestelde gebeuren.


9. En dan is er nog de grote katholieke groei

De achtergrond daarvan is de enorme demografische verandering van Schiedam.

In 1797 telde de katholieke gemeenschap ongeveer 3.200 personen, circa 30% van de Schiedamse bevolking. De historische studie verbindt deze sterke groei onder andere met de immigratie van katholieke Duitsers.

Dat verklaart mede waarom de katholieke gemeenschap in de 18e eeuw steeds meer ruimte nodig had.

In 1757 kocht pastoor Wijtvliet een pand achter de kerk aan de Korte Haven.

In 1774 mocht de kerk worden uitgebreid, maar alleen onder de uitdrukkelijke voorwaarde dat dit “geheel onopzigtelijk” gebeurde. De ramen moesten worden afgeschermd zodat vanaf de openbare straat geen zicht op de kerk ontstond.

De katholieke gemeenschap was dus groot en invloedrijk, maar kerkelijk nog steeds beperkt door de officiële positie van de Hervormde Kerk.


10. Dit verklaart ook de merkwaardige combinatie van katholiek dopen en hervormd trouwen

De genealogie van jouw familie wordt hiermee veel begrijpelijker.

Het was heel goed mogelijk dat iemand:

voor het Gerecht trouwde → voor de Hervormde Kerk trouwde → katholieke kinderen kreeg.

Of andersom.

Het burgerlijke huwelijk en het kerkelijke huwelijk moeten daarom altijd afzonderlijk worden onderzocht.

Schiedam kende hiervoor aparte registers. Het Gemeentearchief vermeldt dat de DTB-registers onder meer afzonderlijke gegevens bevatten van de Gerechten, de Nederduits Gereformeerde gemeente, de Oud-Katholieke gemeente en de Rooms-Katholieke gemeente.

Voor de Rooms-Katholieke registers is de reeks bijzonder interessant:

1619–1711: dopen en trouwen
1711–1781: dopen en trouwen
1781–1807: dopen en trouwen. (Gemeentearchief Schiedam)

En voor de katholieke doopindex bestaat zelfs een afzonderlijke collectie 1619–1811. (FamilySearch)

Dat betekent dat we de Van Catwijk-lijn voor deze periode zeer systematisch kunnen volgen.


11. Een nóg interessantere ontwikkeling: de scheuring van 1723

Hier komt nog een historische laag bij die mogelijk relevant is voor Gerrits huwelijk in 1722.

In de katholieke gemeenschap ontstond rond het begin van de 18e eeuw een ernstige tegenstelling tussen:

de seculiere geestelijkheid
en
de reguliere geestelijkheid, met name de Dominicanen.

Het ging uiteindelijk om de vraag of men de pauselijke benoemingen moest volgen en hoe de oude kerkelijke structuur van Utrecht moest worden voortgezet.

In 1704 ontstond hierover een groot conflict rond Petrus Codde.

In Schiedam was pastoor Johannes Tibbel een aanhanger van de oude geestelijkheid. In 1723 werd Cornelis van Steenhoven door het Utrechtse kapittel tot bisschop gekozen. Daarmee ontstond de scheuring die uiteindelijk leidde tot de Oud-Katholieke Kerk tegenover de Rooms-Katholieke Kerk.

Dit is voor jouw genealogie belangrijk omdat het begrip “katholiek” in Schiedam rond 1720 niet langer volledig eenduidig is.

Een katholiek gezin kon behoren tot:

  • de Rooms-Katholieke gemeenschap, trouw aan Rome;

  • de Oud-Katholieke gemeenschap;

  • of in de praktijk tussen beide kerkelijke werelden staan.

Daarom moeten de registers rond Gerrits huwelijk in 1722 extra zorgvuldig worden onderzocht.


12. Mijn voorlopige interpretatie van jouw familielijn

Op basis van de gegevens die nu beschikbaar zijn, zou ik de religieuze ontwikkeling zo schematiseren:

Claes Willemsz van Katwijk op Zee
        │
        │ Hervormd/gereformeerd
        ▼
Willem Claesz van Catwijk (1647)
        │
        ├── 1671 huwelijk met
        │   Cornelia Jansdr van der Bosch
        │   → Hervormde Kerk
        │
        │ Cornelia overlijdt 1688
        │
        └── 1693 huwelijk met
            Catharina Jacobs/Gerritsdr
            → huwelijk hervormd
            → Catharina katholieke achtergrond
                    │
                    ├── Nicolaas (1693)
                    │   → katholieke doop
                    │
                    ├── Pieter (ca. 1694)
                    │
                    ├── Gerrit (1697)
                    │   → katholieke doop
                    │
                    ├── Hermanus (1699)
                    │   → katholieke doop
                    │
                    └── Willem (1702)
                        → katholieke doop
                              │
                              ▼
                  Gerrit Willemsz (1697)
                              │
                              │ 1722
                              ▼
                    Maartje Dominicusdr
                    van der Hoeven
                              │
                              │ vermoedelijk
                              │ Hervormd huwelijk
                              ▼
                       kinderen
                              │
                              │ later
                              ▼
                  Hervormde Kerk
              "op voorafgaande belijdenis"

Dit is naar mijn mening een veel interessanter verhaal dan een simpele aanduiding “katholiek” of “hervormd” bij de verschillende personen.


Een belangrijke conclusie

De familie Van Catwijk laat zien dat de tegenstelling tussen katholiek en hervormd Schiedam in werkelijkheid veel minder zwart-wit was.

Willem was afkomstig uit een hervormde familie. Hij trouwde in 1693 met de katholieke Catharina. Het huwelijk werd hervormd ingezegend, maar hun kinderen werden katholiek gedoopt. Hun zoon Gerrit werd katholiek opgevoed of in ieder geval katholiek gedoopt, trouwde waarschijnlijk in hervormde kring en kreeg vervolgens kinderen die pas op latere leeftijd, na belijdenis, in de Hervormde Grote Kerk werden gedoopt.

Dat is een prachtig voorbeeld van religieuze mobiliteit binnen één Schiedamse familie.

En er is een opmerkelijke historische parallel: de hervormde kerkenraad klaagde in 1726 precies over dergelijke gemengde huwelijken en over het feit dat kinderen uit die huwelijken naar de katholieke kerk gingen.

Bij de familie Van Catwijk lijkt die ontwikkeling in de daaropvolgende generatie weer de andere kant op te zijn gegaan.

Wat ik hierna zou doen

Ik zou dit verder uitwerken tot een specifiek onderzoek naar de religieuze geschiedenis van de familie Van Catwijk 1647–1750, waarbij ik de originele DTB-inschrijvingen naast elkaar leg:

  1. de hervormde doop van Willem in 1647;

  2. Willems eerste en tweede huwelijk;

  3. alle katholieke dopen van zijn kinderen;

  4. de exacte katholieke inschrijving van Gerrit in 1697;

  5. het huwelijk van Gerrit en Maartje in 1722, inclusief zoeken naar een eventuele inschrijving bij Gereformeerd, Rooms-Katholiek én Oud-Katholiek;

  6. de latere dopen van Gerrits kinderen “op voorafgaande belijdenis”;

  7. en vervolgens de vraag wanneer en waarom deze familietak definitief hervormd werd.

Dat laatste kan mogelijk heel veel opleveren, bijvoorbeeld via lidmatenregisters, attestaties, belijdenisregisters en eventuele kerkelijke aantekeningen. Het Gemeentearchief bevestigt dat dergelijke Hervormde DTB-bronnen voor Schiedam beschikbaar zijn. (Gemeentearchief Schiedam)

Als we dit goed doen, kunnen we waarschijnlijk een religieuze familiekroniek van de Van Catwijks in Schiedam 1647–ca. 1760 maken, waarbij de kerkelijke gebeurtenissen worden gekoppeld aan de politieke en maatschappelijke ontwikkeling van de katholieke gemeenschap. Dat zou een bijzonder sterke aanvulling zijn op de pagina’s over Willem en Gerrit op geneavankatwijk.nl.

LEES MEER OVER

Scroll naar boven