De familie van Katwijk in Noord-Holland

Zaandam in 1870 — een stad in transitie

Zaandam bevond zich in 1870 op een bijzonder kantelpunt in zijn geschiedenis: het tijdperk van de windmolen maakte langzaam plaats voor dat van de stoommachine.

Industrie aan de vooravond van grote verandering

In 1851 telde de Zaanstreek 106 houtzaagmolens, waarvan maar liefst 81 in Zaandam stonden. In 1871 was dat aantal licht gestegen naar 114, maar in vier ervan waren inmiddels al stoommachines geplaatst. Na 1870 zou de invoering van stoomkracht in de houtzagerij in snel tempo plaatsvinden. In de tweede helft van de 19e eeuw voltrok zich de Industriële Revolutie langs de Zaan.

Door de komst van de stoommachine raakten de molens steeds verder in de verdrukking. Vlak naast Maaike’s nieuwe woonplaats speelde zich dit drama letterlijk af: pal naast molen De Hoop in Wormerveer verrezen in datzelfde jaar 1870 de rijstpellerijen ‘De Unie’ en ‘De Hollandia’, die de molen letterlijk de wind uit de zeilen namen.

Opkomst van nieuwe bedrijvigheid

De houtzagerij, de pellerij, de olieslagerij en de verfmalerij waren de takken van industrie die zich in deze periode het meest ontwikkelden. De Zaanse houtzagerij kreeg een grote impuls door de aanleg van de Oude Zeehaven, waardoor grote hoeveelheden hout direct naar de Zaanstreek konden komen. Zaans-industrieel-erfgoed
De pakhuizen Saigon (1898) en Batavia (1894) tonen nog steeds de rijke details die hoorden bij de welvaartsperiode die na circa 1870 aanbrak. Maaike arriveerde dus net aan het begin van wat een tweede Gouden Eeuw voor Zaandam zou worden.

Een bekende bezoeker in hetzelfde jaar

Het is een leuke bijzonderheid: in 1871 woonde de impressionistische schilder Claude Monet ongeveer een half jaar in Zaandam en maakte hij 25 schilderijen van de omgeving. Maaike en Monet waren dus bijna buren!

Dagelijks leven

In 1870 voeren nog ongeveer 25 schepen met in totaal 50 à 60 man personeel vanuit Zaandam naar het IJ en de Zuiderzee voor de zeevisserij. De stad had dus nog een sterk maritiem karakter. De Molenbuurt waar Maaike introk bij de familie Van IJssel Groothuis was een buurt die haar naam niet voor niets droeg — windmolens waren er letterlijk onderdeel van het straatbeeld.

Als dienstbode in een gevestigd burgergezin had Maaike een vaste woon- en werkplek in een stad die, ondanks de industriële onrust, voor haar als iemand uit Rotterdam herkenbaar zal zijn geweest: druk, waterrijk en vol bedrijvigheid.

Scroll naar boven